Gemeenteraad september 2010: RESOC, nieuwe weg in Marke en Opvoedingswinkel
2. Resoc Addendum Streekpact
We kunnen heel wat voorstellen en acties uit dit addendum ondersteunen. Er wordt een goede stap vooruit gezet op het vlak van energie, welzijn, armoedebestrijding … Maar niet alles is zo vernieuwend.
Het vijfde hoofdstuk draagt de titel 'Een Slimme Logistieke Poort'. Daarin staan vier acties. Vooral het eerste punt is niet erg 'slim'. De oude histories worden herhaald onder de hippe titel 'Slimme Logistieke Poort', maar er wordt wel 50 ha gevraagd voor logistieke bedrijven o.a. de 30 ha op LAR-Zuid, maar daarnaast nog 20 ha op nieuwe of oudere bedrijfsterreinen. De leegstand op de bestaande LAR neemt momenteel toe. Daarnaast nog een masterplan voor meer logistiek.
We hebben de mond vol van innovatie, maar finaal komt toch weer deze zware bedrijfstak op de voorgrond. Wat hebben we daar aan in onze streek? Nog meer camions? Nog meer verkeersoverlast? Nog meer uitstoot? De investeringen op de waterwegen kunnen we wel steunen maar ik bemerk dat de containerterminals lands Leie en Schelde (o.a. Wielsbeke waar de Katoen Natie haar containertrafiek stopzette) het niet goed doen. Kan dat aangepakt worden aub?
En dan is natuurlijk ook weer sprake van het vliegveld Kortrijk-Wevelgem weer. De zakencijfers van de eerste zeven maanden van 2010 zijn ronduit desastreus. Het totaal aantal zakenvluchten daalde gedurende de eerste 6 maanden van 2010, voor het derde opeenvolgende jaar, met 4%. Ten opzichte van 2008 is dat een kleine 40% minder. Waar blijft de grote toekomst?
Ik stel voor onze wagon aan te haken aan het Noord-Franse project en onze streek uit te bouwen zoals het hoort: vooruitstreven, innovatief, inventief, creatief, ook op het vlak van de logistiek.
Wat nu voorligt is geen slimme logistiek, ik zou het eerder domme logistiek noemen.
Schepen Jean de Bethune antwoordde dat net dat masterplan prioritair zal opgenomen worden door Resoc. De uitbreiding van de industriezones voor logistiek had niet als eerste punt mogen staan in het addendum, want dat is niet dé prioriteit.
22. Studieopdracht weg tussen Kloosterstraat en Baliestraat Marke
Iedereen, niet in het minste de Markenaren, was verbaasd dit punt op de agenda te zien verschijnen. Dat er daar vooral een woonontwikkeling komt, was bekend, maar dat er weer meteen aan een nieuwe weg wordt gedacht, daar schrik ik van. Ik niet alleen. Een korte bevraging bij actieve Markenaren die de ontwikkelingen van hun dorp volgen, zorgde voor verbazende en ongeruste reacties.
Wij stellen het volgende voor:
verander de opdracht van deze studie. De titel laat geen twijfel: "...aanleg van een verbindingweg tussen de Kloosterstraat en de Baliestraat". De opdracht moet de ontsluiting van het nieuwe woongebied bestuderen.
houd rekening met de voorstellen van het project Marke 2010|2030 waarin de Markebeek een centrale rol speelt in de toekomstige ontwikkeling. De Open Dorpsraad is gepland voor 3 oktober.
voeg aan de gunningscriteria toe dat de bevolking, en de verantwoordelijken van het project Marke 2010|2030 intens worden betrokken in een participatietraject.
De meerderheid ging niet in op de vraag om dit punt te verdagen naar de volgende gemeenteraad, maar ging wel akkoord om deze voorwaarden toe te voegen aan de beslissing en het laatste punt aan de gunningsvoorwaarden voor de opdracht.
31. Samenwerkingsovereenkomst met partners Opvoedingswinkel
Ik heb het decreet Opvoedingsondersteuning indertijd goedgekeurd. Maar dan wel met lange tanden. Waarom? Omdat het een opvoeding heel kunstmatig benadert en omdat het met dit initiatief vooral die mensen zal bereiken die eigenlijk al elders opvoedingsondersteuning kunnen krijgen. Het is een typisch middenklasseverhaal.
De constructie is ook ongelooflijk complex, zie maar al die overeenkomsten met al die partners. Geen hond vindt er zijn jongen nog in.
Daarom heb ik een aantal vragen aan de schepen:
Waarom werden precies deze partners geselecteerd? Dit wordt niet gemotiveerd in de memorie. Is pluralisme verzekerd? Dat lijkt me niet het geval.
Er ontbreken een aantal partners zoals het onderwijs (lager-secundair), Howest maar ook de armoedebeweging …; als je die laatste niet betrekt, bereikt je ook heel moeilijk die doelgroep, een groep wel nood heeft aan opvoedingsondersteuning; hoe komt dat?
Men vertrekt weerom van de professionelen (zij die voor de oplossing zullen zorgen) en niet van de vraag van de individuele ouders. Wie niet aanwezig zijn in een dergelijk systeem zijn de opvoedingsplaatsen zoals de jeugddienst, de jeugdbewegingen, de scholen enz…
En fundamenteel: via zo'n opvoedingswinkel kan je de zwakste groepen niet bereiken…er is nergens een antwoord naar 'toeleiding van kansengroepen' èn een opdracht naar 'werken op locatie'. Dit vind ik een heel serieus probleem…
Daarom wil ik pleiten om er een voorlopig platform van te maken; bijkomende partners moeten zich kunnen aandienen en moeten ook aangesproken worden door de leiding van de opvoedingswinkel.
Inhoudelijk deelt schepen Alain Cnudde dezellfde bekommernissen, zegt hij. Deze overeenkomsten zijn formeel noodzakelijk. Hij zegt dat in ht Netwerk Opvoedingsondersteuning tal van andere partners betrokken zijn zoals het OCMW, huisartsen, politie, de kinderopvangsector enz… zodat met mijn vragen zeker rekening zal gehouden worden.

