Winkelen in Vlaanderen
(h-300)(p-location,525)(s-0)(c-0).jpg)
"Hou altijd goed in de gaten wat een regering goedkeurt tijdens de laatste ministerraad, net voor een vakantie", zei een wat ouder politicus met ervaring me ooit. Dat geldt dit jaar zeker voor de startnota 'Winkelen in Vlaanderen' die nogal ingrijpende voorstellen bevat die een grote impact zullen hebben op het toekomstig retailgebeuren in Vlaanderen.
Het beleid wil de bestaande winkelkernen in steden versterken (al wordt niet gedefinieerd wat een grote of kleine winkel is) en de verlinting - waar de Boomse Steenweg als nationaal symbool geldt - tegengaan. Men wil met ander woorden de ondernemer en de burger weer naar de stad of gemeente brengen/houden. Op zich een nobel doel, ware het niet dat in de startnota volledig voorbijgegaan wordt aan de oorzaak van deze ontwikkeling. Nergens wordt de vraag gesteld waarom het winkelgebeuren gevlucht is naar de rand van de steden en gemeenten. En vaak zit in de vraag het antwoord vervat!
Gent is daarvan het mooiste bewijs. Door het mobiliteitsplan kan je nog amper de stad in, behalve met de bus. Wie toch met z'n auto in de stad geraakt, wordt geconfronteerd met torenhoge tarieven van parkeermeters en -garages. Logisch dat retailers naar de rand van een stad vertrekken omdat ze op die manier de klant alle comfort kunnen verstrekken die deze in de 21e eeuw verwacht van zijn supermarkt of winkel.
De uitvoering van deze nota zal het winkelgebeuren niet versterken maar grondig verstoren. Heden zijn de belangrijkste panden in de steden in het bezit van grote immobiliënmaatschappijen. Schaarste leidt tot prijsstijgingen. En zo zal het nog moeilijker worden voor een starter om een eigen zaak te beginnen omdat ze onvoldoende middelen zullen hebben om de hoge huurwaarborgen en -prijzen te betalen.
Daarnaast wil de overheid het assortimentsbeleid toevertrouwen aan de lokale overheden. Die zullen gaan bepalen wat wel en niet verkocht mag worden. Dat kan nogal ingrijpende gevolgen hebben in de ontwikkeling van een winkelconcept. Die beperkingen zullen niet alleen zorgen voor mogelijke concurrentievervalsing maar eveneens knagen aan de rendabiliteit van de onderneming. En hoe gaat men dat definiëren? Wat gaat men doen met nieuwe ontwikkelingen die zich permanent aandienen. Tien jaar geleden was er amper sprake van smartphones en multimedia. Wil dat zeggen dat een bestaande elektrozwak verboden kan worden deze toestellen te verkopen? Zal men dan iedere keer opnieuw toestemming moeten vragen? Administratieve vereenvoudiging?
Wat de toekomst is van de grootwinkelbedrijven blijft helemaal een raadsel in de nota met uitzondering van de melding dat er "gepaste maatregelen genomen zullen worden". Nochtans zorgen die grootwinkelbedrijven voor een tewerkstelling van 136.00 personen in 2008.
Deze sector, die een belangrijke bijdrage kan leveren aan de tewerkstelling, vindt dezer dagen amper grond om uit te breiden. Persoonlijk zoeken wij met onze onderneming reeds meerdere jaren tevergeefs naar locaties om nieuwe vestigingen te openen. Dit waarborgt niet alleen aanzienlijke investeringen (goed voor bouwsector) maar ook duurzame tewerkstelling (iedere winkel is goed voor 15 tot 25 medewerkers).
Moeten tuincentra maar ook meubelzaken, doe-het-zelf-centers, supermarkten etc. hun groei en ontwikkeling gaan realiseren in de binnenstad?! Op sites van 400 m2? Het is duidelijk dat het gebrek aan duidelijk beleid verregaande gevolgen zal hebben voor de ontwikkeling van het retailgebeuren.
De nota bevat nog meer merkwaardigheden. Zo wordt gepleit om via Europese subsidies de lokale overheden middelen te versterken voor het verwerven van commercieel vastgoed. Worden gemeentebesturen dan ook vastgoedmakelaars? Maar zo wil men ook ondersteuning bieden op vlak van interieurinrichting en zelfs in de ontwikkeling van een IT-platvorm voor kennisuitwisseling. Is dit nog de rol van de overheid, wetende dat er zoveel beroeps- en aankooporganisaties bestaan die dit allemaal reeds leveren?
Het is op zich lovend dat de overheid interesse heeft voor de toekomst van het winkelgebeuren in Vlaanderen. Toch moet men opletten om niet in de plaats van de markt te treden en de wetmatigheden verstoren. Ook retail is een internationaal gebeuren geworden waar toegankelijkheid van de markt een belangrijk aspect is. Het is een publiek geheim dat bijvoorbeeld Belgische supermarkten merkelijk duurder zijn dan in de ons omringende landen, gewoon omdat de concurrentie zich niet kan vestigen.
"Bezint eer ge begint" is in deze dan ook meer dan ooit van toepassing.
Ook verschenen in De Tijd op 20/08/2010.

