Wij hebben al gegeven
Met stijgende verbazing vernam ik het voornemen van de financiële sector om de rekening van de, door hen veroorzaakte, financiële crisis nogmaals door te schuiven naar de gezinnen en de bedrijven.
De financiële sector bijt daarmee in de hand die haar voedt. Nadat de overheden tot 2 maal toe moesten tussenkomen om de financiële sector te redden. Deze interventies absorbeerden enorme hoeveelheden overheidsgeld. De federale overheid heeft meer dan 100 miljard euro moeten bijpassen om de financiële sector te redden. Vlaanderen deed daar nog eens 10 miljard euro bovenop. De gezinnen betalen hiervoor via de noodzakelijke besparingen en bijkomende inspanningen.
En nu willen banken hun tarieven dus verhogen om onder meer de bankentaks - of de 'verantwoordelijkheidstaks' om de steun die zij van de overheid kregen terug te betalen - te compenseren. Het patroon is voorspelbaar: als één grootbank de rente aanpast volgen de andere automatisch. Het zou te ver gaan om te spreken over prijsafspraken, maar het automatisme wijst op een duidelijk marktfalen: in een goedwerkende vrije markt zou er immers een verbeterde marktpositie ontstaan voor banken die NIET mee doen aan het doorrekenen van de bankentaks.
De grootbanken denken er aan om kosten aan te rekenen voor elektronisch betaalverkeer. Door de verregaande informatisering en de komst van het Internet hebben banken hun klanten massaal overtuigd om hun geld zelf te beheren via internetbanking. Op die manier hebben de banken al fors bespaard op loketpersoneel. Het getuigt van veel cynisme om mensen eerst een wortel voor de neus te houden richting online banking en ze nu te laten betalen voor werk dat ze van diezelfde bank hebben overgenomen.
Aan de andere kant zien we aanzetten om woonkredieten te verhogen en kredieten aan bedrijven minder snel toe te kennen. Op het ogenblik dat er signalen komen dat de bouwsector afkoelt en het voor jonge mensen steeds moeilijker wordt om een betaalbare woning te kopen, is dit een slecht signaal.
Bedrijven twijfelen steeds harder om te investeren, dus is beschikbaar en betaalbaar krediet meer dan nodig. Beschikbaar en betaalbaar krediet kan het verschil maken tussen een groeivertraging en een recessie. Een economie die met 0,1 procent krimpt, kost Vlaanderen 27 miljoen euro. Zo leidt marktfalen tot een vicieuze cirkel.
Als de markt faalt, moet de overheid ingrijpen. Als borgsteller van de financiële sector kan ze dat al. Kredietverstrekking was één van de voorwaarden van de redding van KBC. Wij dringen er dan ook op aan dat alle overheden de financiële sector op hun verantwoordelijkheden wijzen.
In de huidige context zou het ethisch onaanvaardbaar zijn dat de factuur opnieuw wordt doorgeschoven. De gezinnen, en dus de belastingbetalers, hebben al betaald voor de redding van de banken. Tot tweemaal toe zelfs. We kunnen het niet toelaten dat zij opnieuw opdraaien voor de financiële crisis en de aandeelhouders ondertussen langs de kassa passeren.

