Ze werken voor jou
Op 26 september a.s. komt er een nieuwe website online, nl. www.zewerkenvoorjou.be. Op de site gaan drie ex-onderzoekers van de UA nagaan welke parlementsleden hun job naar behoren vervullen en welke er met de pet naar gooien. Toen ik het pas las, was ik laaiend enthousiast. Iedereen die me kent of die me wat volgt, weet dat ik van dat soort onderzoeken helemaal geen schrik moet hebben. Van mij mocht dit al twee jaar geleden ingevoerd worden. Ik hou wel van wat gezonde competitie.
Na een nachtje slapen en een reflectiemoment, ben ik nog steeds pro - iets is beter dan niets - maar ben ik toch minder enthousiast. En dit om twee zaken: hoe is dit meetapparaat samengesteld en wat zullen de reacties van de parlementsleden zijn?
Laten we met het eerste beginnen. Dat ligt me als socioloog na aan het hart. Ik vraag me af of er genoeg wegingsfactoren zijn opgenomen. Ik geef een voorbeeld. De onderzoekers gaan ook de aanwezigheden in commissie opvolgen. Maar geen enkel parlementslid is hetzelfde. Zo zijn er parlementsleden die vast lid zijn van één commissie. Die kunnen met de vingers in de neus hun 100% aanwezigheid halen. Maar wat doe je met leden die door omstandigheden of door de grootte van hun fractie genoodzaakt zijn vast lid te zijn van vier commissies. Voor de laatste categorie is het quasi onmogelijk om 100% aanwezigheid te halen. Zo worden eigenlijk de hardere werkers gestraft. Houdt het onderzoek daar rekening mee?
Ze gaan ook het aantal gestelde vragen monitoren. Heel goed, maar geen enkele vraag is dezelfde. Er zijn vragen waar je echt het beleid mee doet bijsturen, er zijn vragen die zelfs mijn 10-jarige zoon zou kunnen stellen. (Niet dat het gene slimme is, dat is hij zeker wel, maar ik hoop dat u begrijpt wat ik bedoel.) Wordt ook dat in rekening gebracht in het onderzoek? En zo kan ik nog wel wat voorbeelden aanhalen die moeilijk zijn om in een dergelijk onderzoek op te nemen. Het perfecte onderzoek bestaat immers niet.
Maar het laatste voorbeeld laat me naadloos aansluiten bij mijn tweede opmerking: wat gaat het effect zijn in het parlement zelf? Ik kan me er iets bij voorstellen. Sinds elke legislatuur een paar kranten het "rapport van de parlementsleden" brengen, is er een ware "streepkescultuur" ontstaan. Elke vraag, elk initiatief, hoe weinigzeggend, hoe inhoudsloos ook, zal het aantal opkrikken. Nu al is het quasi een sport geworden om een schriftelijke vraag zo op te stellen dat je ze aan alle ministers kan indienen. Resultaat: met één klein initiatief 9 "streepkes". Ik denk dat de lancering van deze website zeker zal leiden tot meer werk voor de medewerkers. Die zullen uit elke krant een X-aantal vragen of initiatieven moeten distilleren. Interessant of niet, voldragen of niet, … "streepkes" halen wordt de boodschap. En als dat gebeurt, schiet dit mooie initiatief zijn doel volledig voorbij. Meer nog, dan haalt dit onderzoek het niveau van het parlement naar omlaag.
Maar soit, zoals ik al zei, ik blijf het initiatief eerder genegen al zal het model al snel op wat tekortkomingen stoten en negatieve gevolgen genereren. Maar iets is beter dan niets om de kiezer eindelijk eens te informeren over wat we daar nu allemaal uitsteken.

