Zo zal de Vlaamse regering de Roma-problemen niet oplossen
Vorige vrijdag besliste de Vlaamse regering een beleid ten aanzien van Midden- en Oost-Europese migranten uit te werken, ingekaderd binnen de 10 gemeenschappelijke basisbeginselen (EU) en het Vlaamse integratie- en inburgeringsbeleid. Toch lijkt het voorstel te veel op haastwerk zonder budget en zonder bemiddelaars die de migranten wegwijs kunnen maken.
Het grootste punt van kritiek is uiteraard het ontbrekende budget. Het is heel makkelijk om tal van maatregelen uit te denken en op papier te zetten, maar als je als minister niet zorgt voor het passende budget, dan blijft het een papieren tijger. Een ander punt van kritiek is het ontbreken van bemiddelaars. Deze mensen kunnen een belangrijke rol spelen in het integratieproces.
Bovendien lijkt het erop dat Vlaanderen liever op haar eigen eiland werkt in plaats van zich te positioneren op het Belgische en Europese vlak. Uittredend federaal minister van Gelijke Kansen Milquet is volop aan het werken rond de Romaproblematiek en het verblijfsbeleid wordt federaal georganiseerd. Bovendien zal Vlaanderen hooguit het probleem kunnen managen. Het is veel interessanter om de bron aan te pakken: de problematische situatie van deze migranten in hun thuisland. Dat moet Europees geregeld worden.
De Roma worden consequent als tweederangsburgers in eigen land behandeld. De woon-en werkomstandigheden van de migranten uit de nieuwe EU-landen hier doen bovendien denken aan de 19de eeuwse mistoestanden zoals onderbetaling, totale afhankelijkheid, boetesystemen, geen sociale bescherming, … Bovendien gaat het soms echt om mensenhandel. Minister Bourgeois weet dat, maar echte stappen om dit aan te kaarten op Europees niveau heeft hij nog niet ondernomen.

